Een psychologisch portret over de invloed van karakters op de loop van de geschiedenis van de Amerikaanse politiek dat niets aan actualiteit heeft ingeboet.
8 november 1960, Zuid-Californië. Vicepresident Richard Nixon heeft zojuist zijn stem uitgebracht voor de presidentsverkiezingen waarin hij het opneemt tegen de talentvolle senator John F. Kennedy. Het belooft de spannendste verkiezing ooit te worden, een strijd tussen twee werelden: de verbeten Quaker versus het gelikte rijkeluiskind. Dan verdwijnt Nixon opeens - op een roadtrip die hem naar Tijuana, Mexico zal brengen.
Vanwaar dat impulsieve vluchtgedrag? En welke beschadigingen, opgelopen in een leven dat in armoede begon - in een gezin waar de dood altijd boven tafel hing, zullen bepalend zijn voor de fatale fouten die jaren later het vonnis zullen voltrekken over Nixons carrière?