De hond die zichzelf vond: Een vrolijk prentenboek over identiteit. Een jonge hond gaat op weg om antwoord te vinden op de vraag “Wie ben ik?” Hij ontmoet onder meer een paard, een koe en een kat. Hij hoort dat een vogel geen hond is, want een vogel kan vliegen. Hij hoort dat ook de koe geen hond is, want de koe geeft melk. De eenden zijn geen hond, want die hebben geen kwispelstaart. “Misschien ben ik wel niks?” denkt de hond. Dan ontmoet hij een oudere, wijze hond die hem zegt, “ja je bent anders en juist daardoor precies goed”. In eenvoudige stijl geschreven. Met vriendelijke, sfeervolle kleurenillustraties. Geschikt om voor te lezen vanaf ca. 4 jaar.